|
|
|
| LCMT
2002 |
|
| Verslag
door Guido Vandroemme
|
|
|
|
|
|
| |
| Disclaimer |
|
| Al de verslagen
die op deze website staan, zijn eigendom van
hun respectievelijke schrijvers. Dus niets
mag gekopieerd worden zonder hun toestemming.
|
|
|
|
|
|
|
|
Dit is het verhaal van de LCMT 2002 van Guido Vandroemme, één
van de eerste rode lintjes.
| |
Dag 1: Zonhoven-Valkenburg,
96 km |
|
's Morgens op de parking is het een blij weerzien met bekenden
van de vorige deelnames, ik ontmoet er Adri Haine en Geert
Biesmans. De goede sfeer zit er al meteen in, en we hebben
nog niet eens gefietst. Het is nog wat nevelig, maar er is
goed weer voorspeld: korte broek en truitje zonder mouwen!
Het landschap daar is zeer mooi, echt iets voor bikers en
wandelaars. We komen verdacht veel racefietsen tegen. En jawel:
op deze dag wordt hier ook Limburgs' Mooiste gereden, de Amstel
Gold Race voor wielertoeristen.
Het is al bij al een 'gemakkelijke' rit, er zitten grote
stukken plat in, zoals langs het Albertkanaal. Zelf heb ik
de maanden voor de LCMT vooral met de koersfiets gereden en
dat wreekt zich op het einde door krampen. Ik moet me weer
aanpassen aan het voortdurende wisselen van tempo, het klimmen
en dalen over de heuveltjes. En het groepje waar ik bij ben
rijdt zo'n 2 km/h sneller dan mijn eigen tempo en dat wreekt
zich op de lange duur ook wel.
's Avonds gaan we nog een pint pakken in Valkenburg. Het
lijkt daar wel een mierennest van toeristen, en bovendien
smaakt het bier naar ... niks eigenlijk. We zaten daarom nogal
vroeg in bed.
|
 |
| |
Dag 2: Valkenburg-Luik, 80km
|
De flikken in Nederland vinden het leuk om bikers op de bon te
zwieren en doen dat 's morgens met overgave! Al gauw na de start
rijden we de Cauberg en de Keutenberg over (Amstel Gold). Niet lang
daarna passeren we Gulpen, waar de LCMT startte in 2000. Daar liggen
enkele pittige hellingen, die ik mij nog goed herinner. Opeens begint
mijn fiets te dokkeren, lek. Een lange nagel heeft zich in het loopvlak
van de band geboord en steekt er naast de velg meer dan een cm weer
uit. Als't maar dat is.
Schaelsberg:
Er komt een lange afdaling in het bos: vele gladde stenen steken
uit de vochtige grond. Mijn voorwiel begint verdacht heen en weer
te dansen en ik kan de bocht niet meer halen, dan maar rechtdoor
het decor in, zonder erg, maar achter mij hoor ik verdachte geluiden.
Jawel, m'n maat gaat hals over kop tegen de keien. Meer dan wat
blauwe plekken en schrammen zijn het gelukkig niet. Maar dan merk
ik wat bij mij de oorzaak is van dat dansen van het voorwiel: ik
had vergeten de vering van mijn headshock weer 'aan' te zetten.
De chrono is weer erg leuk, bijna alles bergop. Maar mij niet gezien,
ik blijf recreant, en rij alles op m'n eigen dieseltempo, zonder
het snot in de ogen te moeten rijden. Er was gewaarschuw voor een
klim van wel 4 km op het einde. Wanneer een biker aangeeft dat we
daar aangekomen zijn geef ik nog eens goed gas, want ik heb nog
wat over. Maar na die klim komt er nog een moeilijke afdaling en
nog wat heuvelachtig terrein, en pas enkele kilometers verder komt
die verrekte laatste helling. Tegen dan is het vet van de soep,
en moet ik heel rustig naar boven rijden om krampen te vermijden.
Volgt dan nog de ellende van een bustransfer naar een hotel dat
eigenlijk meer de allures van een kippehok had, maar in de Colmar
kunnen we ons wel eens goed schransen.
| |
Dag 3: Luik-Houffalize, 91
km |
|
Dat belooft de zwaarste rit van de LCMT te worden. De helling
waarmee we gisteren eindigden, beginnen we nu mee: 4 km aan
zowat 50 km/u, zonder een trap te doen! Tussen 20 en 45 km
krijgen we het zwaarste stuk van de LCMT voorgeschoteld. Het
is afzien op de vele lange steile hellingen. Gelukkig zijn
er ook twee heel leuke technische afdalingen. Als ik aan de
eerste kom zie ik wel 10 bikers te voet naar beneden stappen
op de stenen. Maar dat is mijn dada: ik roep van boven dat
ik 'm wil rijden. Sportief als ze zijn gaan die mannen opzij
en kan ik het ganse stuk naar beneden bonken zonder één
keer voet aan de grond te zetten. Ik hoor nog net 'den diejen
is getikt', maar dit is wat ik graag doe en blijkbaar goed
kan!
Modder en de zon doen hun vernielende werk, en mijn ketting
begint te kraken en te sucken dat het geen naam meer heeft.
Op de tweede bevoorrading (die trouwens op dit zware parcours
voor veel bikers véél te ver na de eerste kwam)
wordt ik zowaar geholpen door een ex-ex-deelnemer van de MTB
list: Wouter Degrave (blij dat je er weer bij bent, Wouter).
Hij leent me z'n oliebusje, en de ketting gedraagt zich weer
zoals het moet. Op twee plaatsen rijden we door losliggende
takken en stokken en dat resulteert in enkele afgescheurde
derailleurs door opwippende takken die zich in de wielen boren.
Ook de 2de in de totaalstand van de chrono's moet eraan geloven.
Maar geen nood: even een fietsje van het thuisfront laten
overkomen tegen de volgende morgen, moet kunnen nietwaar.
|
 |
| |
Dag 4: Houffalize-Rochefort,
89 km |
Het achterwerk is al redelijk geteisterd, maar het valt nog wel
mee. Na wat warm rijden op de parking van het hotel is de pijn al
heel wat minder. Volgens de Kurt (organisator) zullen er vandaag
geen problemen zijn met de bepijling: alles is op de grond aangegeven.
't Kan verkeren: al na één kilometer rijdt het merendeel
grandioos verkeerd: sommigen rijden meer dan 5km ver eer ze door
hebben dat ze niet goed zitten.
 |
Gelukkig vertrouw ik op het cartografisch inzicht van rood
lintje Geert Biesmans: die is al rap gestopt en besluit na
enig zoeken op de kaart dat we beter de andere kant opgaan.
Het parcours bestaat vandaag voor het grootste gedeelte uit
dat van de Transardennaise en (naar mijn persoonlijke mening)
het mooiste stuk ervan: het stuk voor en na St. Hubert. Na
het centrum komt daar een kanjer van een beklimming en daar
begint ook de chrono. Die eindigt met de beruchte slijkerige
klim naar de open plek in het bos. Daarna komt nog de Fournaux
St. Michel met spectaculaire afdalingen en keiharde beklimmingen
in het woud van Nassogne. Er zitten ook flink wat technische
stukjes in: voor elk wat wils.
Na de laatste bevoorrading heeft men er gelukkig voor gezorgd
dat we op de weg kunnen uitbollen tot aan de wielerpiste in
Rochefort. Daar rijden we nog onze ererondjes en vallen dan
in de armen van vrouwlief.
|
Persoonlijk vond ik het een heel geslaagde LCMT: heel pittig, vooral
de derde en vierde rit, maar niet té zwaar. Alhoewel, je
moet toch wel goede bikerpapieren hebben om zoiets te rijden. De
bepijling was nog niet ideaal, maar toch al stukken beter dan de
vorige jaren. Die bustransfers na een aankomt zijn absoluut te vermijden,
dat is telkens weer ellende.
Het weer was tegen de verwachtingen in opperbest. Het eten was
meestal goed, maar ik denk dat ze de hoteliers en koks toch best
vooraf duidelijk maken dat bikers na een dag in veld en bos toch
méér nodig hebben dan een portie-voor-gepensioneerden.
Maar vooral: ik heb op sportief vlak enorm genoten, en kwam terecht
in een toffen bende, waarmee we stevig gefietst hebben, maar ook
lekker gezwansd bij een schuimende Leffe..
Guido
|