| Zaterdag
28/07/2001

6.00 h
Vanuit Folgaria gelegen op 1200 m boven de zeespiegel vertrekken we voor
de laatste rit van deze Transalp, ik heb uitermate goed geslapen in ben
maar een of twee keer wakker geschoten van wat ik dacht dat een sirene
was maar achteraf een zoemende straatlantaarn boven mijn hoofd bleek te
zijn.
We ontbijten voor de laatste maal in de camper.
8.00 h
Op het laatste moment fiets is nog terug naar de Camper gezien ik mijn
regenvestje vergeten heb, zodat we volledig achteraan dienen te starten.
Onderweg naar de start spreek ik nog met Gunther en Reinhard, Gunther
ziet er niet uit, zo wit als een laken, jongens, hij heeft sinds gisteren
tijdens de rit niet meer gegeten.
Ik wens hem goede moed en ga achteraan het peloton staan.
Met goede moed vertrekken we, echter na een 5-tal km zien we plotseling
mensen terugkomen in tegengestelde richting, onder hen de aanvoerster
in het klassement van de vrouwen, vloekend als een ketter.
Wat blijkt, een agent heeft om een of andere reden iedereen met uitzondering
van de eerste 20-30 man op een verkeerde weg gestuurd, waardoor we een
omweg van een 5-tal km moeten maken, een motard van de organisatie brengt
ons terug op het parkoers, doordat we echter volledig achteraan gestart
zijn blijken we nu volledig van voor in het peleton te zitten, dat geeft
moed.
Alleen, ik ben mijn Teammaat weer kwijt, ik denk dat hij achter mij is
maar daar ben ik niet zeker van, dus op kruissnelheid verder bergop zonder
me te forceren, mijn hartslag lijkt iets genormaliseerd te zijn en ik
kan zonder moeite boven de 150 slagen per minuut.
Na enkele km halen Sven en Carl me bij, zij hebben Gert ook nog niet
gezien, tot mijn verbazing kan ik Sven en Carl volgen, ik laat ze echter
in het midden gaan omdat ik er van overtuigd ben dat Gert achter is.
Na 12 km volgt een zeer moeilijke downhill door een woud waar je geen
vijf meter voor of achter je kan zien door de intensiteit van de begroeiing.
Wannneer ik een plaatselijke man met zijn vrouw, wandelaars ontmoet beginnen
zij schreeuwen dat ik van het parcours afgeweken ben en helemaal fout
zit, de man wijst me de weg hoe ik terug op het circuit geraak, ik heb
de keuze tussen enkele km terugklimmen (bijna ondoenbaar) of enkele km,
hij kan niet juist zeggen hoeveel omweg +/- vlakke weg te maken, ik kies
voor het laatste en met een vrachtwagen geluk slaag ik erin na 6 km de
andere deelnemers te vervoegen.
Enkele km verder staat Gert met op te wachten, er is nog geen controle
geweest oef.
Gert weet mij te vertellen dat hij er nog niet lang staat en dat hij voor
mij aan de klim begonnen is, in de drukte van de eerste foute weg heeft
hij mij hier of daar voorbijgestoken zonder dat ik het zag.
Dit betekent dat ik hem bijna moet ingehaald hebben op de klim, mijn vermoeden
dat mijn conditie beter wordt lijkt waar te zijn, ongelofelijk, dat wat
ik dacht dat niet meer zou gebeuren, is gebeurd, de gedacht alleen geeft
me vleugels en de volgende klim naar de Passo Bordala, rij ik niettegenstaande
een looppassage van een 3-tal km is ingelast met mijn vinger in mijn neusgaten
op.
Boven gekomen wacht ik voor de controlestelle op Gert - ik ben euforisch
en voel geen pijn meer aan mijn achterwerk, spieren, neen alles werkt
zoals het hoort - ik vlieg.
Na de Passo Bordala, lijkt de rest van de etappe een formaliteit, buiten
een 300 tal hm die nog verteerd moeten worden zien we op een 15-tal km
van de aankomst reeds het Gardameer liggen, de tranen staan in mijn ogen
en we trekken een laatste foto van ons beiden met het Gardameer op de
achtergrond, Gert zit er helemaal door, en ziet verschrikkelijk af.
We krijgen ook nog een afdaling van 8 km voor de wielen geschoven om U
tegen te zeggen, stenen van wel 1 meter doormeter waartussen moet gelaveerd
worden, dit doet mij denken aan de holle wegen van het parkoers van Overijse
maar dan in het kwadraat en 20 maal zo lang.
De organisatoren kunnen het ook niet laten nog enkele nijdige deviaties
in te lassen, iets dat we ondertussen gewoon zijn, praktisch elke rit
was dit zo, als je denkt dat je er bent, wordt er toch nog een schepje
bovenop gedaan.
Het laatste stuk gaat over vlakke weg wind pal op de kop naar het Meer
toe, tegen een snelheid van 33 tot 35 km/h op mijn grote molen malen we
de laatste km af om na een vijftal uur op de fiets te finishen.
Dit is zalig
Never ever give up
15.00 h
Na de aankomst wensen we mekaar proficiat en gaan direct een grote pint
pakken, nog nooit heeft een pint zo gesmaakt, in tegenstelling tot de
andere ritten waar we constant eindigden rond de 175 ste plaats of soms
nog verder komen nu ronde de 130 ste plaats aan, rekening houdende met
mijn tweede wegvergissing geen slechte prestatie voor een ancien als ik,
(al zeg ik het zelf)
We krijgen bij aankomst een fles champagne (sect eigenlijk) die door velen
als op een formule 1 podium wordt leeggeschud.
Wir haben es geschäft. Of zoiets, ik heb nooit Duits gekunnen...
|